Afgelopen jaar had ik de dubieuze eer om voor het eerst in mijn leven deel te nemen aan carnaval. In het kader van teambuilding ging ik met mijn tennisverenigingsbestuur naar Eindhoven om daar samen met twee zusterbesturen carnaval te vieren. Wat volgt is mijn ervaring en gedachten gedurende een weekend meelopen met deze carnaval diehards.

Carnavalsoutfit: ‘Ik sta enorm voor aap’

Het begint allemaal met de aankleding van het feest. Of beter gezegd, de aankleding van jezelf. Iedere student heeft zich wel eens verkleed voor een themafeestje, maar met een dergelijke outfit red je het niet tijdens carnaval. Bij carnaval dien je namelijk all the way te gaan. 

Dus daar stond ik dan, in een Primark bij het centraal station Eindhoven, om last-minute een onesie aan te schaffen. 5 minuten later stond ik buiten, onherkenbaar gehuld in een panteroutfit, rawr. Je voelt je, als newbie to the scene, enorm voor aap (of panter) als je zo over straat banjert. Dat gevoel ebt echter heel snel weg als het je opvalt dat iedereen, van opa’s en oma’s, vaders en moeders tot de kleinste kinderen, compleet gehuld is in allerlei bijzondere klederdrachten. 

Openbare dronkenschap: ‘Oh, ik ben niet de enige’

Carnaval wordt niet alleen ’s nachts gevierd, het feestje gaat eigenlijk 24 uur per dag door. Slapen deden we gedurende het weekend toen de kroegen sloten, we thuis ook uitgezongen waren en tot we trek kregen in ontbijt. Met een winkelwagen vol alcohol en gehuld in onze reeds stinkende outfits trokken we er weer op uit. Ik voelde me eerst lichtelijk gegeneerd; een groepje studenten dat brallend en zuipend om 11 uur ‘s ochtends over straat loopt. 

Eenmaal aangekomen in het centrum, waar de optocht plaatsvond, had ik van die schaamte geen last meer. Werkelijk iedereen is aan het drinken, jong en oud, en de eerste slachtoffers vielen vlak na het middaguur al. Je weet simpelweg niet wat je ziet als twee mannen van gemiddelde leeftijd, die normaal gesproken op dit tijdstip hun tweede bak koffie halen op kantoor, elkaar met moeite overeind proberen te houden terwijl de een alweer grijpt naar een volgend blikje bier. 

carnaval optocht flickr jaap joris

Beeld: Flickr/Jaap Joris, CC BY-SA 2.0

De carnavalsoptocht: ‘Wow!’

Wat ons tevens geleerd werd, was dat de carnavalsoptocht hét ding was, de main event van de week. We hadden ons strategisch opgesteld (aan de kant van de kroegen, toiletten en pizzeria’s) en namen het fenomeen in ons op. Ik kende eigenlijk alleen de optochten tijdens Sinterklaas vroeger, toen leuke karretjes en de beste man zelf ons in een kleine 20 minuten passeerden. 

Wat ik in Eindhoven echter gade sloeg, was van een geheel andere orde. De voorhoede van de optocht passeerde ons rond de klok van 11, en tegen 4 uur was het einde nog niet in zicht. Talloze kunstwerken op wielen, waarvan alle onderdelen ook nog eens alle kanten op bewogen, versierden ons uitzicht. De ene wagen was nog mooier dan de andere en de sfeer is bijzonder feestelijk en gezellig.

Muziek: ‘Nog nooit van gehoord’

Wat ik tot slot nooit meer zal vergeten, is de uiterst herkenbare carnavalsmuziek. Als er in de kroeg van tijd tot tijd een bekend fout plaatje wordt gedraaid valt dat altijd wel te waarderen. Je kent die liedjes uit je hoofd en blèrt ze regelmatig mee. Deze hitjes hoor je tijdens carnaval ook. Maar daarnaast nog zestienduizend andere carnavalsnummers, gezongen door namen waarvan je nog nooit gehoord hebt.

Wonderbaarlijk genoeg (of gewoon door de alcohol) gaat het niet vervelen en het werkt de sfeer uitstekend in de hand. Enkele klassiekers die mij zijn bijgebleven zijn ‘Arme Jenny (werkt bi-j de Aldi)’ van Kennéh en ‘Een Lied van een Lid van de Kerstkapclub’ van Jankobus Seunnenga. Aanraders. 

Coverbeeld: Flickr/Jeroen Moes, CC BY-SA 2.0