Wat doe je na de middelbare school als je van de havo of het vwo komt? Dan kun je hoger beroepsonderwijs gaan doen of een wetenschappelijke opleiding gaan volgen. Het hbo en het wo. Maar wat houdt dat nou precies in? Is het één handiger, praktischer en gemakkelijker? Hoewel er inderdaad sprake is van niveauverschil, is dat eigenlijk heel erg persoonlijk. 

Inderdaad, het wo ligt een niveau hoger dan het hbo. En het meest gebruikelijke studiepad is van de havo naar het hbo en van het vwo naar het wo. Een wetenschappelijke opleiding is in sommige beroepen een vereiste, maar vaak genoeg zijn je kansen op de arbeidsmarkt met een hbo-opleiding niet slechter. En natuurlijk, het één sluit het ander niet uit; je kunt ook doorstuderen.

Hogescholen vaker specialistisch

Er zijn meer hogescholen dan universiteiten. Dat komt omdat hogescholen vaker specialistisch zijn op een bepaald vakgebied. Er zijn dus minder universiteiten die zich specifiek op een thema richten. Zo zijn de universiteiten van Leiden, Utrecht, Groningen, Nijmegen en Amsterdam brede, algemene uni’s. In Delft, Eindhoven en Twente zijn de technische universiteiten en er zijn universiteiten die zich richten op een paar wetenschappelijke deelterreinen. Bijvoorbeeld Wageningen.

Praktisch vs. theoretisch

Heel simpel gezegd word je met een hbo-opleiding klaargestoomd voor een beroep of een specifieke branche. Op de universiteit leer je een bepaalde wetenschap. De benadering is academisch waarbij je veel onderzoek moet doen. Dat betekent dat het hbo veel praktischer is en het wo veel theoretischer. Je bent op het wo bezig om te zoeken naar antwoorden en verklaringen van bepaalde verschijnselen binnen je wetenschap. Op het hbo maak je praktisch gebruik van de kennis die wetenschappers hebben vergaard binnen je vakgebied. Je ontwikkelt vaardigheden die nauw aansluiten op de beroepspraktijk.

mensen-richtingles

Hbo-opleiding soort ‘trechter’

Omdat het hbo veel praktischer is en specifiek gericht op een bepaald vakgebied is de schakeling naar het beroepenveld gemakkelijker. Op universitair niveau leer je een wetenschap die je zelf moet toepassen naar een beroep. Je kunt er kort gezegd veel meer kanten mee op, maar die brug tussen kennis en praktijk is groter. Om die reden is een hbo-opleiding in de eerste twee jaar heel erg breed. Je maakt kennis met veel aspecten van het beroepenveld waarop je studie aansluit en pas in je derde jaar begin je met specialiseren. Dan ga je vakken kiezen die aansluiten bij je ambitie, want als het goed is heb je in de eerste twee jaar ontdekt welke kant in het vakgebied je op wilt. Je kunt het vergelijken met een soort trechter, waarbij je steeds meer gaat specialiseren.

Vakken kiezen op de uni

Op de universiteit kun je ook wel vakken kiezen, maar die zorgen niet dat je specialiseert in een beroep. Het zijn vakken die op zichzelf een wetenschappelijke achtergrond hebben en alle aspecten uit die hoek behandelen. Bovendien volg je op het hbo ook ondersteunende vakken die je kunnen helpen in je beroep, bijvoorbeeld presenteren. Op de universiteit worden zulke vakken niet apart aangeboden. Wel is het vaak mogelijk om een cursus te volgen die wordt aangeboden door een externe afdeling van de universiteit, mocht je bijvoorbeeld moeite hebben met presenteren. Je moet dus heel erg vanuit jezelf handelen, als je vindt dat je deze vaardigheden niet genoeg onder de knie hebt.

mensen-richtingles

Studieloopbaanbegeleider op hbo

Begeleiding op het hbo wordt pro-actiever aangereikt. Je wordt klassikaal begeleid door een mentor en je klas heeft vooral in het begin van de opleiding dezelfde samenstelling. Dat komt omdat de eerste twee jaar immers algemene brede vakken zijn. Klassen worden meer en meer opgesplitst naarmate je specialistischere vakken gaat kiezen. In elk geval heb je redelijk nauw contact met je mentor of studieloopbaanbegeleider. Daarvoor zijn vaak contacturen in je lesrooster opgenomen.

Op de universiteit heb je geen verplichte contacturen met een begeleider. Je hebt ook geen specifieke begeleider toegewezen gekregen. Er is vaak een studieadviseur op de faculteit waarmee je zelf een afspraak moet maken als je vragen hebt of behoefte hebt aan advies. Op het hbo wordt van je verwacht dat je tijdens de studieloopbaan contacturen competenties, ontwikkelingen en zelfreflectie specifiek benoemt. Op de universiteit hoef je dat niet te doen.

Groter beroep op zelfstandigheid

Op het hbo moet je verplicht één of meerdere stages lopen. Dat komt op de universiteit veel minder voor. Althans in verplichte vorm. Hoewel op de universiteit de focus vooral ligt op aanbieden van wetenschap, kun je wel vrijwillig kiezen voor een stage. Maar ook hier moet je zelf voor kiezen.

Het grootste verschil tussen hbo en wo, behalve natuurlijk het niveauverschil, is de zelfstandigheid. Op het hbo word je nog veel meer gestuurd om bepaalde keuzes te maken en daarvoor worden verschillende middelen aangereikt. Op de universiteit moet je echt zelf op zoek naar het pad dat je wilt bewandelen. Op het hbo worden trajecten veel meer in klare vormen aangeboden, je wetenschappelijke opleiding kun je eigenlijk helemaal zelf opbouwen en inrichten. Natuurlijk zijn er verplichte vakken, maar dat zijn wel de vakken van de wetenschap die je gekozen hebt. Als je die niet leuk vindt, moet je je afvragen of je de juiste keuze hebt gemaakt.

studeren-klaslokaal

Colleges

Ook de colleges op de uni zijn anders qua vorm dan op het hbo. Bovendien heb je op het hoger onderwijs veel klassikale lesuren. Je volgt zowel de hoorcolleges, theorie, als de werkcolleges, toepassing, in dezelfde vorm. Ook wordt er op het hbo geen expliciet onderscheid gemaakt tussen die twee en vaak genoeg zijn ze met elkaar verweven.

Op de universiteit is er strikt onderscheid tussen een werkcollege en een hoorcollege en niet elk vak heeft een werkcollege. De hoorcolleges volg je met alle mensen die het vak nog moeten halen, dus met meerdere klassen tegelijk, maar ook de herkansers en studenten van andere opleidingen voor wie het een keuzevak is. Dat betekent dat je soms wel met honderd medestudenten in een collegezaal zit. Hierdoor is er natuurlijk veel minder ruimte voor interactie en is het vooral een kwestie van luisteren.

Hbo = kleinschaliger

Op het hbo zijn de colleges kleinschaliger en is er meer ruimte om tijdens colleges vragen te stellen of zelfs relevante vakgerelateerde discussies te voeren. Door dit verschil komt het ook vaker voor dat je groepsopdrachten met een projectgroep moet doen op het hbo. Je moet veel meer samenwerken. Wat je ook doet, universiteit of hbo, in Nederland zit je met beide goed. Hoewel dat nu niet zo lijkt, met de economische crisis die als een onweersbui boven ons hangt. De keuze voor hbo of wo maakt niet primair heel erg veel uit voor je salaris. Dat is nog steeds afhankelijk van de markt en je studierichting.

studeren stapels boeken leren

Verlening van een graad

Het niveauverschil maakt dat er op het wo meer titels zijn te behalen dan op het hbo. Met een hbo-diploma kun je twee graden voeren: baccalaureus (bc.) en ingenieur (ing.). Je bent baccalaureus na het afronden van een hbo-studie met een niet-technische of natuurwetenschappelijke achtergrond. Deze titel wordt bijna niet gebruikt in de praktijk, maar het klinkt leuk toch, een titel? Ingenieur wordt vaker gebruikt. Deze titel krijg je na een afgeronde studie die wel technisch of natuurwetenschappelijk van aard is.

Op universitair niveau kun je veel meer graden bemachtigen: Bachelor of Arts (BA), Bachelor of Science (BSc), Bachelor of Laws (LLB) en diezelfde titels zijn er ook weer een stapje hoger. Op masterniveau: Master of Arts (MA) en Mater of Science (MSc).

Tenslotte heb je nog graden die aanduiden dat je specifiek gespecialiseerd bent in onderzoek. Je bent Master of Philosophy (MPhil) na een tweejarige research waarna je je thesis verdedigt. De PhD-titel (Doctor of Philosophy) of Doctorstitel behaal je pas als je gepromoveerd bent na - een vaak langer durend - wetenschappelijk onderzoek.

Titels voeren

Als je bent afgestudeerd van een wo-opleiding mag je in plaats van een graad ook een oude Nederlandse titel voeren. Wanneer je afstudeert van een rechtenstudie ben je meester in de rechten (mr.). Je mag de titel ingenieur (ir.) voeren na een afgeronde studie met een technische achtergrond. De tegenhanger is de titel doctorandus (drs.) welke je kunt voeren na een afgeronde universitaire opleiding die niet technisch of rechten is.

Cum laude

In Nederland kun je alleen aan een universiteit cum laude afstuderen. Als je op het hbo een cum laude kwalificatie wilt behalen, dan moet je naar België. Cum laude staat voor ‘met lof’: cum = met en laus = lof. Deze aanduiding wordt gebruikt wanneer je met hoge cijfers je universitair diploma behaalt. Welke eisen exact worden gesteld aan cum laude, is per onderwijsinstelling verschillend. Meestal geldt wel dat je geen cijfers lager dan een 7 mag hebben gehaald en je moet een gemiddelde hebben van een 8 of hoger. Ook mag je meestal geen herkansingen doen, je moet al je cijfers in één keer hebben behaald.