En hoewel ik zeker geen spijt heb van mijn verhuizen was het toch wel een emotioneel moment voor mij om de sleutel in te leveren en  de spreekwoordelijke fakkel over te dragen aan een voor mij onbekend persoon. 

Want ook al is er veel aan te merken aan de toestand van de studentenbehuizing in Rotterdam, het was voor mij wel de plek waar ik mijzelf voor het eerst echt heb kunnen ontplooien. Waar ik veel mooie momenten en ook veel diepe dalen heb gekend. Waar ik vrienden voor het leven heb gemaakt en relaties heb gehad die de volgende ochtend alweer voorbij waren. Dus, beste lezer, gun deze oude student een moment om een zeer melancholisch gesprek tegen u op te hangen over mijn studentenwoning. 

Maar één keer beroofd in Crooswijk

Ongeveer 3,5 jaar terug kreeg ik op Facebook een berichtje van een van mijn beste vrienden: Dat er een kamer vrij stond naast hem en of ik behoefte had die dan te komen bewonen. Aangezien ik toentertijd nog in Brabant woonde en in Rotterdam studeerde, was het voor mij een makkelijke keuze om op zijn aanbod in te gaan. Dus na een flinke verhuissessie en een ruzie met mijn ouders kwam ik te wonen in ‘Studentengebouw de Kerk’: een omgebouwde kerk aan de Goudse Rijweg aan het randje van Crooswijk. Voor degenen die nu denken: ‘Maar Crooswijk is toch een heel slechte en onprettige wijk om te wonen?’, dat valt reuze mee. In de 3 jaar dat ik daar leefde ben ik slechts één keer onder bedreiging van geweld beroofd. 

rsg eerste studentenkamer

Het eerste feest in mijn studentenhuis

Zoals het een goede student betaamt heb ik mijn kamer meteen goed ingewijd met een housewarmingparty. Ik had een paar mensen uitgenodigd en er was wat bier. De bedoeling was om rond een uur of 1 iedereen naar huis te sturen en dan lekker te gaan slapen. Dus uiteraard werd ik de volgende dag om half 2 wakker gebeld door mijn werk met de vraag waar ik bleef en waarom ik al vijf en een half uur te laat was. Althans, wakker gebeld… de persoon die mijn telefoon mee naar huis had genomen, werd wakker gebeld. 

Biervlekken

Toen ik mijn kamer aan het opruimen was kwam ik nog vele relieken tegen uit deze tijden. Zoals biervlekken tegen de muur van een van de vele borrels, en vreemde kledingstukken waar ik na een dronken avond mee terug kwam. 

Een woning waar geleefd wordt

Maar ook herinneringen aan minder goede tijden, zoals het doosje pillen die een van mijn huisgenoten voor me ging halen toen ik met een verschrikkelijke voedselvergiftiging op bed lag. Want hoewel veel mensen een studentenwoning zien als een plek om te feesten en te studeren is het ook een woning. Een woning waar geleefd wordt en ook minder leuke dingen gebeuren. En mijn kamer was op deze regel geen uitzondering. En met het inleveren van mijn sleutel kwam aan deze tijd definitief een eind. En bij een eind hoort een passend afscheid, dus bij dezen:

Vaarwel

Vaarwel, prettige troepkamer, bedankt dat je altijd een plek was waar ik kon slapen, vaarwel gemeenschappelijke ruimte waar het een sport was om zo veel mogelijk afwas te verzamelen. Vaarwel wc-ruimte fijn dat ik nu niet meer bang hoef te zijn enge ziektes op te lopen tijdens het poepen. Maar vooral, tot ziens Yim en Barry, jullie waren de beste huisgenoten die ik me kon wensen en mijn tijd met jullie zal er altijd een blijven waar ik met plezier op terug kan kijken.

 

Rotterdam_SW_Banner_large