Benodigdheden

- Spelers
- Drank
- Een tafel

Speelwijze

Iedereen gaat om de tafel zitten. Er wordt een spelleider gekozen, die de commando’s mag noemen. Er zijn vier commando’s: pinkelen, hol, bol en plat.
Zegt de spelleider ‘commando pinkelen’, dan trommelen alle spelers met hun wijsvingers op tafel.
Bij ‘commando hol’ maak je een soort kommetje van je handen en leg je je handen met hun rug op tafel.
‘Commando bol’ is juist omgekeerd en bij ‘commando plat’ leg je je handen plat op tafel.
Degene die als laatste de opdracht uitvoert, moet drinken.
Noemt de spelleider wel het commando, maar zegt hij daarvoor niet het woord ‘commando’ (dus alleen ‘bol’ of ‘plat’), dan hoor je je handen niet te veranderen. Doe je dat wel, dan moet je drinken. Om het moeilijker te maken voor de spelers, kan de spelleider zelf wel meedoen, maar niet zijn eigen commando’s opvolgen.

Variant

Je kunt zelf extra commando’s bedenken. Bijvoorbeeld: ‘hoog’ en ‘laag’: waarbij je met je handen naar boven of beneden wijst.