1. Je begint positief

Op je eerste dag kom je vol goede moed de klas binnenstappen. Je hebt je beste outfit aan, want jij voelt je goed! Klaslokaal in een keer gevonden, kom op met deze studie! Iedereen die al een plekje heeft gevonden kijkt je schaapachtig aan als je de deur opengooit. Om vervolgens weer naar zijn of haar mobiel te staren. Oké, gezellig…

2. Deze week ben je 100% aanwezig

Je gaat braaf naar elk college in je eerste week. Stel dat je wat mist of dat de docent gelijk denkt dat je het hele semester niet komt opdagen. Nope. Jij bent van plan een goeie indruk te maken.

3. Je hebt geen idee waar je college hebt

Je hebt één keer het gebouw van binnen bekeken en nu wordt er van je verwacht dat je naar een bepaald lokaal gaat? Klinkt als een onmogelijke opdracht – maar hé: dat blijkt best mee te vallen. Na twee rondjes gelopen te hebben zie je het juiste bordje staan. Was dat nou zo moeilijk? 

4. De eerste opdracht

Leuk! Na al die informatiepraatjes mag je eindelijk iets doen. Dit is waarom je de opleiding hebt gekozen, deze opdracht ga je rocken. Je neemt de opdracht bloedserieus en wil deze zo goed mogelijk volbrengen. De docent kijkt er niet echt naar en het voornemen om heel hard je best te doen keldert redelijk hard. 

5. De eerste verschrikkelijke docent

Jij dacht er na de middelbare school vanaf te zijn, mooi niet! De docent in kwestie praat irritant, ziet er vreemd uit, stinkt uit zijn mond, heeft geen verstand van het vak (vind je zelf) en ga zo maar door. In je eerste week kom je deze docent geheid tegen. Waarschijnlijk is hij ook degene die als eerste een berg leeswerk opgeeft.

6. De tijd vergeten

Tijdens de eerste week probeer je wat contact te leggen met je studiegenoten en verzamel je een leuk clubje om mee te lunchen. Met wat geluk zit je lekker buiten in het zonnetje. Gezelligheid kent geen tijd en voor je het weet zit je twintig minuten te kletsen. Terwijl de docent kwam met ‘Even vijf minuutjes pauze?’

7. Je komt te laat

Ondanks je goeie voornemens kom je hoogst waarschijnlijk te laat. Of het nou vijf minuten zijn of een dik uur, je voelt je slecht. Je wilde het zo graag voorkomen. Je zet je beste smile op en lacht naar je leraar. Na de standaard ‘Ga gauw zitten’, merk je dat het helemaal niet zo erg is om te laat te komen.

8. Je bent bekaf

Aan het eind van de week ben je kapot. Je zit nog volop in het zomerritme en je wil er nog niet aan geloven dat je ’s ochtends vroeg moet opstaan. Op vrijdag kunnen alleen vijf koppen koffie je ogen open houden en je snakt naar het weekend. Thank god it’s friday!


Gefeliciteerd, je hebt je eerste week overleefd!