1. De grote bek

Het meest prominente gezelschap in de klas. Heeft altijd zijn bek open en als het stil moet zijn roept hij er altijd nog even wat tussendoor. Als hij er niet is, merkt iemand dat pas op na de opmerking ‘Wat is het rustig vandaag’.

 

2. De stille

Volstrekt het tegenovergestelde van de grote bek. Deze persoon is er altijd, maar zegt bijna nooit wat. Als er presentaties gegeven moeten worden, is iedereen benieuwd hoe de stem van deze persoon ook alweer klinkt.

 

3. De knapperd

Loopt altijd met zijn of haar smartphone op selfiestand rond. Heeft het altijd over kleding en zal nooit in een joggingsbroek op school gespot worden. Deze persoon weet dat hij of zij er goed uitziet en maakt daar dankbaar gebruik van.

 

4. De afhaker

Deze student doet de eerste periode goed zijn best en kan met iedereen aardig opschieten. Ineens komt hij bijna niet meer opdragen en als zijn of haar naam voorbijkomt op de aanwezigheidslijst roept iedereen maar dat hij gestopt is. Het duurt dan niet lang meer voordat deze student echt afgehaakt is.

 

5. De grapjesmaker

De clown van de klas. Niets is te gek voor hem. Hij laat vaak een filmpje van Dumpert zien, heeft altijd het laatste woord en neemt docenten ook geregeld te grazen. Het leven is allemaal niet zo serieus. De grapjesmaker vraagt vaak de dag voor het tentamen nog wat er ook alweer geleerd moest worden.

 

6. De allesweter

Is niet alleen goed in het leren en maken van tentamens, maar stelt ook altijd kritische vragen die docenten doen zweten. Deze persoon is op de hoogte van alles wat er op het intranet staat en is de eerste die het zegt als er iets niet klopt. Jij bent blij met deze persoon, want het scheelt jou zoeken op internet.

 

7. De mazzelaar

Dit is een persoon die overal doorheen fietst met het geluk aan zijn of haar zijde. De mazzelaar verslaapt zich bijvoorbeeld als de docent ziek is en haalt de moeilijkste tentamens vaak met een 5.5. Hoe hij het doet, weet hij zelf ook niet.