Je groeit uit van een onervaren eerstejaars die net mama’s hand durft los te laten tot een geharde veteraan die niet beter meer weet dan het op zichzelf wonen.  Welke fases kan je onderscheiden?


Groentje

De dag nadat je ouders je hebben helpen verhuizen en vervolgens hebben achtergelaten in je enge, kleine studentenkamer. Wie zijn mijn huisgenoten? Hoe werkt het internet? Waar ben ik aan begonnen?


Kennismaking

Je hebt je eerste huisavond achter de rug en eigenlijk zijn je huisgenoten best toffe mensen. Dat is prettig, want alles is nog nieuw en er zijn nog veel dingen die je moet leren over het wonen op kamers.

 

Weekendblijver

Na een poosje begint het onafhankelijke leven je zo goed te bevallen, dat je steeds minder weekenden terug naar je ouders gaat. Je moeder begint zich af te vragen of je het ‘thuis-thuis’ nog wel leuk genoeg vindt, dus zo nu en dan stap je toch maar weer eens in de trein.

Groei

De dag is aangebroken dat een nieuwe huisgenoot een vrijgekomen kamer betrekt en je bent niet meer de huisjongste. Je voelt je plotseling een stuk volwassener en wijzer wanneer je je nieuwe huisgenoot uitlegt hoe de wasmachine werkt en hoe jullie schoonmaakrooster in elkaar steekt.

 

Uitgegroeid

Op een gegeven moment is niks in je studentenhuis meer nieuw, het hele proces als student gaat als vanzelf en je bent helemaal gesetteld als een op zichzelf wonende student. Laat de komende jaren maar komen!

 

Bloei

Je zit in de bloei van je studentenleven, en je hebt onlangs met je huisgenoten het eerste echte grote huisfeest georganiseerd. Het is overal een rommeltje en de eerste meubels in je kamer beginnen slijtage te vertonen. Je toert momenteel op de automatische piloot door het studentenleven, en neemt onderweg elke afslag waar iets te beleven valt. 

 

Veteraan

Je kamer is na deze lange tijd en enkele verbouwingen inmiddels optimaal ingericht. Overal liggen verzamelingen van je jarenlange studentenleven en je weet niet beter dan dat dit je leven is. Je spendeert tevens wat meer tijd op je kamer dan dat je de voorgaande jaren deed.

 

Huisoudste

Jij bent diegene die het langste in het huis woont van alle huisgenoten. Onderhand heb je de verantwoordelijkheid over het internet en de wasmachine en nieuwe huisgenoten kloppen bij jou aan met vragen.

 

Ergernissen

Je gaat je langzaam maar zeker ergeren aan het feit dat je een toilet, badkamer en keuken moet delen met huisgenoten. Steeds weer wachten en andermans troep opruimen. Vrienden van je hebben de overstap gemaakt naar een eigen woonruimte en als je bij ze over de vloer bent, voel je toch wel enige jaloezie.

 

Verhuizen

Je voelt dat het tijd wordt voor een plekje voor jezelf, waar je alle voorzieningen voor jezelf hebt. In je vrije tijd zoek je naar een studio en appartement. Je wordt al zenuwachtig van het idee dat een van die eigen woningen binnenkort van jou kan zijn en dat je de studentenkamer eindelijk achter je kan laten.