1. Op de slaapzaal/gymzaal/accomodatie die aangeboden wordt door de introweekorganisatie

In verschillende steden worden faciliteiten aangeboden om te slapen. Slaapzalen (een sporthal, in een culturele instelling, etc.) zijn echter in elke stad wel beperkt en soms word je aangeraden eerst andere opties te proberen. Meestal moet je in ieder geval op tijd 'reserveren' en sowieso moet je je eigen matje, slaapzak en kussen meenemen. Voordeel hiervan is dat je heel veel gezelligheid meemaakt, toch wat leuker dan in je eentje weer naar huis gaan na het stappen.

2. In je eigen kamer

De introductieweek is niet alleen bedoeld om jou kennis te laten maken met de stad, je medestudenten en verschillende verenigingen. Het is ook dé week waarin er oneindig veel gefeest gaat worden. Niets is fijner dan na een heftige stapnacht thuis te komen in je eigen kamer. Je kunt neerploffen op je eigen bed en ongestoord de volgende morgen wakker worden (of juist niet alleen wakker worden).

3. In een studentenhuis

De ultieme manier om kennis te maken met het studentenleven is natuurlijk in een écht studentenhuis! Soms kun je je via de introweekorganisatie aanmelden om in een studentenhuis te logeren. Op die manier leer je meteen mensen kennen! Vaak kun je ook via een studentenvereniging in een verenigingshuis terecht. 

4. De stadscamping

Kamperen deed je in je kinderjaren natuurlijk al elk jaar met je ouders. Waarom niet kamperen tijdens je introductieweek? Al die kampeerervaring moet toch een keer van pas komen! Bijna elke grote stad heeft een stadscamping, of een camping op fietsafstand. Zo kun je in onze hoofdstad kamperen in het Amsterdamse Bos, in Utrecht kun je met je tentje op de verdedigingskraag Fort aan de Klop bivakkeren en in Groningen kun je prima in het Stadspark vertoeven.

5. In een hostel

Het studentenleventje is de leukste tijd van je leven, maar is ook de periode waarin je het minste geld hebt te besteden. Studentensteden houden hier op veel manieren rekening mee. Een van die manieren is het lowbuget overnachten in een hostel. Je kunt zelf kiezen met hoeveel mensen je op een kamer slaapt. Wellicht ken je al een paar nieuwe medestudenten en kun je afspraken maken om een hostelkamer te delen. Hoe meer mensen je vindt, hoe goedkoper de overnachting uiteindelijk is.

6. Bij vrienden/familie

De goedkoopste manier om te overnachten in jouw studiestad is natuurlijk bij vrienden of familie. Misschien ken je iemand die daar al toevallig op kamers woont, heb je een oom of tante ergens in de stad wonen of kun je tukken bij je oudere broer.

Back-up optie: met het ov dagelijks op en neer

Als je (enigszins) in de buurt woont, dan kun je prima met het openbaar vervoer reizen. Je loopt dan wel het risico om toffe dingen van het programma te missen, want je bent wel afhankelijk van bus- en treintijden. Je studenten-ov is pas geldig vanaf september, dus je moet ook flink wat reiskosten ophoesten.