1. De allemansvriend

Deze docent vindt zichzelf een echte koning omdat hij precies in de studentenwereld zit. Hij praat zoals jij, en iedereen vindt hem tof. Hij is soepel en gaat er prat op dat hij vrienden is met zijn studenten.

 

2. De ik-haat-lesgeven-docent

Met een slappe ‘goedemorgen’ komt hij (of zij) de collegezaal binnen. Dit is een persoon waar alle energie en fut uit is. Hij ziet lesgeven als een baan (waar hij een hekel aan heeft), niet als een roeping. Waarom hij überhaupt ooit docent is geworden is een grote vraag, want eigenlijk heeft hij een hekel aan studenten. Deze docent moet echt nodig met pensioen.

 

3. De strenge maar rechtvaardige professor

Omdat deze docent écht weet waar hij het over heeft, hangt iedereen aan zijn lippen. Hij heeft enorm veel vakkennis en weet het goed over te brengen. Dat hij moeiteloos orde weet te houden en de teugels strak in handen heeft, valt maar af en toe op. Als je hem met respect behandelt, krijg je respect terug.

 

4. De zeikerd

Een 5,4 naar een 5,5 praten? Bij deze persoon gaat je dat never nooit niet lukken. Onderhandelen met studenten is iets wat deze docent nooit zal doen en zijn deur gaat dicht en op slot zodra het tijd is. Ook al ziet hij je zwetend aan komen rennen: te laat is te laat. Het academisch kwartiertje is de grootste onzin.

 

5. De slechte uitlegger

Bij voorkeur geeft deze persoon een vak dat moeilijk ingewikkeld is, maar hij heeft niet de capaciteiten om de stof begrijpelijk over te brengen. Hoe vaak je het probeert of je vraag in een andere vorm giet, je wordt er niets wijzer van.

Beeld: Flickr/University of the Fraser Valley, CC 2.0