Maak het persoonlijk

De leukste gedichten zijn gedichten die persoonlijke eigenschappen van de lezer uitlicht. Als iemand goed kan koken, tennissen of in het bezit is van een enorme verzameling muismatten, is het leuk om dit terug te laten komen in het gedicht. Als je de persoon voor wie je een gedicht schrijft niet zo goed kent, is het slim om bij anderen informatie in te winnen over deze persoon. Zo kun je zelfs voor iemand die je niet kent, een persoonlijke tint geven aan het gedicht.

 

Maak het ongemakkelijk

Naast dat je een gedicht persoonlijk kan maken, kan je deze lijn verder doortrekken en het gedicht zelfs ongemakkelijk maken om voor te lezen. Verwerk enkele grappige anekdotes uit iemands verleden of benoem de talenten die de lezer wat minder sterk ontwikkeld heeft. Bedenk goed hoe ver je bij welke persoon kan gaan, maar de ervaring leert dat gedichten waarbij iemand een beetje te kakken wordt gezet, het meestal erg goed doen in de woonkamer.

 

Maak het interactief

Oké, je hebt nu een persoonlijk gedicht met enkele plagende opmerkingen (of een gedicht waarin je iemand compleet afzeikt en publiekelijk voor schut zet, afhankelijk van je lezer en publiek). Om het op te leuken kan je het interactief maken. Denk aan enkele quiz-vragen, met kleine cadeautjes als beloningen (of bedenk ‘straffen’). Je kan ook de lezer een gedeelte laten zingen, of in het gedicht verwijzen naar andere aanwezigen. Dit soort dingen zorgen voor meer interactie met de andere sinterklaasvierders in de woonkamer.

 

Maak er een doorlopend verhaal van

Het is minstens net zo belangrijk om een rode lijn in je gedicht te houden. Vertel een verhaal dat lekker loopt en wat niet van de hak op de tak springt van anekdote naar grap. Een goed gedicht vergt tijd en aandacht, en als je dat erin investeert, krijg je vanzelf een gedicht wat als vermakelijk (voor)leesvoer kan worden geserveerd aan een nietsvermoedende lootjestrekker.

 

Lees het hardop voor aan jezelf

Leuk kunnen dichten en schrijven betekent niet automatisch dat je gedicht lekker (voor)leest. Lees de zinnen die uit jouw pen of toetsenbord vloeien daarom hardop voor, en bedenk of ze lekker klinken. Voeg zo nodig meer lettergrepen toe of kort een zin enigszins in zodat het geheel lekker bekt. Het zijn de puntjes op de i die het verschil maken tussen een geslaagd sinterklaasgedicht en een berg woorden zonder ritme.