1. Je functioneren vermindert

Naarmate het jaar vordert gaat alles langzamer, wordt alles moeilijker en val je over steeds simpelere dingen. Je functioneert dan ook al driekwart jaar op vol vermogen, maar je kan niet langer ontkennen dat de tank simpelweg leeg is.


2. De tijd vervaagt

Het overkomt je steeds vaker: zwetend fiets je na een lange dag door de warme zon naar huis. Uitgeteld plof je op de bank neer na een taaie dag studeren of werken. Maar gelukkig, zo denk je, is het alweer woensdag en is de week al over de helft. Even verschijnt er licht aan het einde van de tunnel, maar dat baken van hoop dooft vrijwel meteen weer op het moment dat je je realiseert dat het eigenlijk pas maandag is...


3. Je dwaalt af

Met grote regelmaat lig je op het strand, wandel je door de bergen en spring je in het verfrissende water van het zwembad bij het hotel. Op en top genieten, tot een iets te luidruchtig piepende klapdeur je weer uit je dagdroom wekt en je terug bent in de universiteitsbibliotheek.


4. Je vermijdt social media

Naarmate de zomer eraan komt, verschijnen er steeds meer foto’s van vrienden die al op vakantie zijn, die aan het lokale meertje liggen of hun laatste tentamen al gehaald hebben. Terwijl je nog druk aan het studeren bent of essays vol met woorden aan het kakken bent, dwaal je vaker dan goed voor je is af naar je sociale media. Elke afdwaling is weer een mentale klap van jaloezie in je gezicht en halveert het restje motivatie dat je nog over had.


5. Weken tellen

Elke vrijdagmiddag is mooi, maar hoe dichterbij de zomer komt, hoe vreugdevoller jouw vrijdag wordt. Je kan weer een week wegstrepen, weer zeven etmalen dichterbij die felbegeerde vakantie. Elke werkweek is een beproeving, elk weekend een beloning, maar de jackpot, die trek je met elke week weer een stukje dichter naar je toe.