1. Je weet precies waar alles is

In alle chaos kan je precies vinden wat je nodig hebt. Want je hebt het op een  logische plek neergelegd. Dat andere mensen jouw uitleg niet begrijpen, snap je echt niet. Het ligt toch gewoon links in de hoek, onder dat shirt, achter die stapel post. 

 

2. Soms vergeet je wat je allemaal hebt

Dat komt heel vaak voor. Heb je net voor de derde keer een wijnopener gekocht, kom je er achter dat je er al één hebt.

 

3. Je bent blij als je iets terugvindt 

Want je bent al lang vergeten dat je die dingen had, maar je wordt er wel ongelofelijk blij van dat je het terug hebt gevonden! Hier lagen je favoriete oortjes dus al die tijd!

 

4. Je kamer opruimen is verschrikkelijk

Al die kostbare tijd. Je had ook iets anders kunnen doen wat wel leuk was geweest.

 

5. Je raakt snel afgeleid als je wel opruimt

Als je de Cosmopolitan uit 2006 tegenkomt moet je die natuurlijk weer even lezen. En de plaatjes kijken van alles wat er toen in de mode was. Dat je dat hebt gedragen! En vervolgens ben je een uur verder. Oh ja, je was bezig met opruimen.

 

meisje in park pixabay eliens

 

6. Iets nieuws kopen omdat je iets kwijt bent

Kan je dat ene shirt weer niet vinden? Dan koop je gewoon een nieuwe. Grote kans dat je hem hebt uitgeleend of ergens hebt laten liggen. Het makkelijkste is om een nieuwe te kopen natuurlijk.

 

7. Je moet door honderd shirts heen om de juiste te vinden

Een opeenstapeling van alle voorgaande punten. Je koopt veel hetzelfde want je bent van alles kwijt. En je vind weer allemaal dingen tijdens het opruimen. Fijn!

 

8. Je spul ligt overal

Echt overal. Op de grond in je kamer, in de keuken, in de gemeenschappelijke ruimte en je hebt ook nog een deel bij je ouders liggen. Logisch dat je vergeet waar je spullen liggen.

 

9. Als je ineens heel snel moet, kan je niks meer vinden 

Waar zijn je sleutels? Waar is je linkerschoen? Zit je pinpas wel in je portemonnee? Moet je niet sowieso nog een tas mee? Waar is alles?

horloge haast pixabay JESHOOTS

 

10. Als je opruimt, is het binnen no time weer rommelig

Ja, het was allemaal opgeruimd, maar toen moest je een outfit uitzoeken. En daar ging het mis.

 

11. Familie en vrienden zeuren 

Jij bent er aan gewend dat je spullen overal liggen en trekt standaard tien minuten uit om alles bij elkaar te zoeken. Je vrienden en familie vinden het misschien nog wel vervelender dat je altijd alles kwijt bent. Zij zijn tenslotte degenen die moeten helpen met zoeken.

 

12. Je blijft altijd rommelig

Hoe hard je het ook probeert, je zal altijd een rommelig persoon blijven. Je directe omgeving anticipeert op jou, door bijvoorbeeld mee op te letten waar je je sleutels neerlegt. Handig. Kan je lekker jezelf blijven.

Wil je toch proberen je kamer aan kant te maken? Misschien lukt het je wel met deze tips!

 

Bron: Her Campus