Wild, wilder, wildst
Geschreven door: Natasja Admiraal
Onze eerste game
drive. We rijden door Tsavo-East, het grootste wildpark van Kenia, in een wit safaribusje met open dak. Onze medeavonturiers: een
knorrige Indiër met een reusachtige snor, die plaatsneemt achterin, een Nederlands meisje dat zich voorstelt als Vicky, haar vriendelijke
vriend en haar opa van in de negentig.
Het kost ons maar een paar minuten om erachter te komen dat Vicky een vreselijk verwend nest is en bovenal onaardig tegen haar opa - nota
bene sponsor van de hele trip. Maar onze chauffeur heeft, als alle Afrikanen, respect voor ouderen. En humor.
'I like the papa,' zegt hij, terwijl hij opa helpt instappen en hem een junglehoed op zijn kale knar zet. 'Can I keep the
papa?'
Vicky, in het Nederlands: 'Ja hoor, je mag hem houden.'
We rijden pas een kwartier als ik in mijn enthousiasme wild denk te zien.
'Stop!' roep ik. 'Beest!' De chauffeur stopt en rijdt dertig meter achteruit. 'Daar. Een roodbruin hoopje. Volgens
mij is het een liggende buffel.' Iedereen tuurt ingespannen naar de plek die ik aanwijs. Het is een erg stilliggende buffel. En wel
heel erg rood. Het blijkt een termietenhoop te zijn. Ik schiet in de lach. Vicky verkondigt op verongelijkte toon dat ze hoopt dat we nog
wat gaan zien. En de Indiër spoort de chauffeur aan verder te rijden. 'You promised me lions. Let's go.'
We rijden over stoffige wegen
met rode aarde. De bestuurders van de safaribusjes communiceren onderling via krakende walkie-talkies. Zouden we de Big Five gaan zien?
Olifant, buffel, leeuw, luipaard, neushoorn?
Verderop staat een baobab. Baobab, ofwel apebroodboom, ofwel de Big Mama onder de bomen. Dikke stam, geen bladeren. Alsof ze op hun kop
staan, met de wortels in de lucht. Het zijn imposante bomen. Ze kunnen zo'n duizend jaar worden. Verder zien we van die typisch
Afrikaanse platte-bovenkant-bomen. En dan ineens een zebra. Zijn witte strepen hebben een rode gloed van de savannegrond. We schieten wat
plaatjes, de wagen rijdt verder.
'En nu wil ik een giraf,' zegt Vicky. Alsof je die zomaar even kan bestellen. De giraf laat echter nog op zich wachten, wel zien
we antilopen, loom in de zon liggende cheeta's en een bijdehante baviaan die ons van een paar meter afstand provocerend aankijkt. En
dan huppelt er ineens een wrattenzwijn voorbij. 'Kijk, Pumba,' zegt de bestuurder. Vicky klaagt: 'Ik heb hem nog niet op de
foto', en ze klakt geërgerd 'tt' met haar tong tegen haar gehemelte. Vriendlief sust: 'Maar je kunt toch ook gewoon
kijken?' En ik denk: ga toch naar huis. Neem een Artis-kaart.
Links van de weg zien we een
groepje grazende gazellen. Opa tuurt er een beetje wazig naar.
'Wat zijn dat, gnoes?' vraagt hij veel te luid. De beestjes kijken verschrikt op, gevolgd door een heleboel 'tt' en
'ooopaaa' van Vicky. Even later zien we een kudde olifanten bij een poeltje.
'Zie je dat?' roept opa. 'Olifanten. Zie je ze? Zie jij ze ook?'
Vicky steekt haar ergernis niet onder stoelen of banken, haar vriendelijke vriend zegt geduldig: 'Opa, we zien het
allemaal.'
De olifanten lijken zich weinig van ons busje aan te trekken; een reusachtig mannetje met geweldige slagtanden zet een paar stappen
dichterbij. Nu is het de beurt aan de besnorde Indiër om zich op te winden. 'The elephant is coming too close. Let's
go.'
Midden op de weg hebben zich zo'n twintig safaribusjes verzamelt. Dertig meter verder ligt een groepje leeuwinnen te zonnen in het
zand. Ik krijg van de chauffeur een snelcursusje Swahili. Nijlpaard is kiboko, krokodil mamba en simba betekent leeuw. En dan te bedenken
dat ze in Afrika nog nooit van 'The Lion King' hebben gehoord. Als we even later nog een groep leeuwinnen spotten, kan ik mijn
geluk niet op. Ditmaal zijn ze op jacht, de vrouwtjes omsingelen twee nietsvermoedende antilopen. Ik denk: dit kan nog wel eens bloederig
worden. Maar dan komt er een klein vliegtuigje laag overvliegen. De antilopen schrikken en verdwijnen in het struikgewas, de leeuwinnen
geven op.
Mijn hart klopt nog steeds als we verder rijden. Wie had gedacht dat we zoveel leeuwen, olifantenkuddes en bavianenbillen zouden zien.
Maar Vicky heeft alweer een nieuw onderwerp om haar frustraties op te botvieren. 'Ik heb honger,' mekkert ze. 'Nu mag er wel
een antilope worden geslacht.' Ik voel dat ik nu echt wild begin te worden. Nog even en ik gooi haar voor de leeuwen.
Auteur: Natasja Admiraal




mooi geschreven!
Hee Tas!
Haha geweldig, nu begrijp ik waarom je het niet aan tafel wilde vertellen maar dat het leuker is om te lezen, geweldig hoe je het opschrijft, alsof ik zelf ook in de bus zit! Hoop dat Vicky er ook net zo om kan lachen als ik ;)
Kus
jij vond het al erg,moet je nagaan, het zal je dochter maar wezen..
Reageren